VeineMAGAZINE 05

COLUMN JE GELD OF JE LEEFTIJD? N i c o l e K i e n - a d v o c a a t Nicole Kien is één van de topadvocaten in de gezondheidszorg en staat aan de basis van de succesvolle ontwikkeling van LS&H Lawyers. Meer informatie: www.kienlegal.nl IN NEDERLAND BEHOREN GENEES- EN HULPMIDDELEN (EN ANDERE ZORG) PAS TOT DE VERZEKERDE ZORG ALS ZIJ WERKZAAM EN VEILIG ZIJN VOLGENS DE SPELREGELS VAN DE LEER VAN DE ‘EVIDENCE BASED MEDICINE’. Volgens Wikipedia betekent ‘evidence based medicine’: ‘geneeskunde op basis van bewijs’. Of anders gezegd het expliciet, oordeelkundig en zorgvuldig gebruik maken van het best beschikbare bewijs bij het maken van een keuze voor de behandeling van een patiënt. Dit alles, gegeven de stand van de (medische) wetenschap van dat moment. Moeilijke woorden, die ook wel de nodige problemen in de praktijk met zich meebrengen. Natuurlijk wil iedereen die een geneesmiddel of een hulpmiddel gebruikt, of zijn kind laat gebruiken, zeker weten dat het ook veilig is. Het probleem is dat dit onderzoek voor heel veel van de zorg die wij in Nederland ontvangen niet of slechts beperkt is uitgevoerd. Waarom gebruiken we het dan toch? Simpel, omdat dokters vaak al jarenlang hele goede ervaringen met die vorm van zorg hebben en die zorg dus met een gerust hart adviseren, zonder dat daar ooit een probleem ontstaat. Veel van die zorg - ook al is er niet zo heel veel wetenschappelijk bewijs - wordt gewoon vergoed. Maar bij sommige vormen van zorg zijn er problemen bij de vergoeding vanwege tekort of gebrek aan bewijs. Vooral bij zorgvormen die bij kinderen worden ingezet speelt dat probleem. Als een bedrijf namelijk een middel laat ontwikkelen en testen, dan wordt er vanuit bedrijfsmatig oogpunt vaak voor gekozen om de veiligheid en werkzaamheid van die zorgvorm wetenschappelijk te laten bewijzen voor de grootst mogelijke doelgroep ineens. In die doelgroep kan dan namelijk meteen een goede omzet worden gehaald waardoor de kosten van het onderzoek daar ook weer in kunnen worden terugverdiend. Die grootst mogelijke doelgroep is vaak de volwassenen groep. Om die reden, en ook omdat onderzoek bij (kleine) kinderen niet altijd even ethisch of gemakkelijk is, is er regelmatig maar weinig onderzoek beschikbaar naar de veiligheid en werkzaamheid van zorgvormen bij kinderen (uitzonderingen daargelaten). En om die reden kan het dus ook gebeuren dat een zorgvorm wel vergoed wordt bij de inzet voor volwassenen (omdat het in die doelgroep wetenschappelijk bewezen is) en niet voor de inzet bij kinderen. In dat geval zorgt de leeftijd er voor dat er voor die zorg gewoon zelf betaald moet worden. Gelukkig zijn er diverse belangenorganisaties (patiëntenorganisaties, behandelaars) die zich er voor inzetten om het onderzoek naar werkzaamheid en veiligheid van zorg ook bij kinderen te stimuleren en overheidsorganisaties zien de noodzaak daarvan ook in. Op termijn wordt dit probleem dus waarschijnlijk minder groot. • 61

RkJQdWJsaXNoZXIy NDU3OTky