VeineMAGAZINE 25

COLUMN 77 Als je vragen of opmerkingen hebt, mail deze dan naar  info@zorgvoorhouding.nl Over kinderen met een beperking wordt vaak gezegd dat zij ‘een hart van goud’ hebben. Waar komt deze uitdrukking eigenlijk vandaan? En hoe komt het dat dit juist bij deze kinderen zo duidelijk zichtbaar is? Volgens mij omdat zij denken met alles wat zij hebben, met hun hele lichaam. Daarom deze column. Besluiten met je hart en hersenen Tot in de middeleeuwen dachten mensen dat hun gevoel vanuit het hart kwam. Niet alleen in het Nederlands maar in zeer veel andere talen wordt het woord ‘hart’ vaak gebruikt om aan te duiden dat iets waardevol is. Zo zeggen we nu nog vaak uit de grond van het hart. Dat suggereert zelfs dat het hart wordt betrokken bij besluitvorming. In oude culturen, maar ook bij alle godsdiensten en ontspanningsoefeningen neemt het hart nog steeds een zeer belangrijke plaats in. Maar bij besluiten moet je kunnen waarnemen en daarop reageren. Op dit moment nemen we aan dat dit eigenlijk slechts voorbehouden is aan onze hersenen. In de zestiende eeuw werd steeds vaker gedacht dat het hart niet meer was dan een pomp die diende om het bloed rond te pompen. Eigenlijk leefde deze gedachte al bij Leonardo da Vinci. Hij maakte in 1480 een hart van glas. Daar pompte hij water met graszaad doorheen om zo de bloedstroom in het hart na te bootsen. Zo toonde hij aan dat het hart slechts een pomp is. Deze denkwijze bleef zo tot ver in de twintigste eeuw… In 1970 werd ontdekt dat het hart niet altijd reageert op de signalen vanuit de hersenen en soms zelfs autonoom volledig anders reageert dan verwacht. Het idee dat het hart ‘alleen maar’ een pomp is begint sinds 1994 langzaam verder te kantelen doordat de neurocardioloog Armour het ‘brein in het hart’ introduceert. Vier jaar later, in 1998, toonde Pearsall iets heel opmerkelijks aan; er lopen meer zenuwbanen van het hart naar de hersenen dan andersom. Het is moeilijk te begrijpen dat bij een hartoperatie de zenuwen van de hersenen naar het hart losgemaakt worden en tot nu toe weten chirurgen niet hoe deze zenuwen van het hart in het nieuwe lichaam moeten worden aangesloten. Toch is het hart prima in staat om na een harttransplantatie te functioneren. Hebben die zenuwen aan het hart geen functie? Dat zou vreemd zijn. Het lijkt erop dat het hart volledig zelfstandig kan opereren. Recent heeft het Max Plank Instituut in Berlijn in onderzoek aangetoond dat hersenen en hart elkaar beïnvloeden. Deze onderzoekresultaten zullen ons denken over ons hart veranderen. Moeten we de waarde van het hart in ons gevoelsleven misschien enigszins opwaarderen? Moeten we accepteren dat het hart wel degelijk een rol speelt bij emoties en gevoelens? Je kunt tenslotte ook overlijden aan een gebroken hart. Eén ding is zeker; het hart is meer dan een pomp. Laten we proberen met gevoel het hart in te zetten om ons denken positief te beïnvloeden! • MARTIN MEEUWISSEN - expert houdingsmanagement

RkJQdWJsaXNoZXIy NDU3OTky