VeineMAGAZINE 15
zien, bijvoorbeeld 100. Matthias weet dat wanneer deze spier een waarde van 50 geeft, er een verbetering mogelijk is. Het kan ook zijn dat de waarde hoger is dan 100, dan is de spierspanning dus te hoog. Spieren horen elkaar in balans te houden. Om een gewricht te laten bewegen heb je altijd een speler en een tegenspeler nodig. Als je als therapeut aan de slag gaat met de spier die te weinig spanning heeft en deze ‘traint’, zie je dat de andere spier daardoor ontspant en de klachten dus afnemen. Dit samenspel van spieren wordt vanuit de hersenen gestuurd. AAN DE SLAG “Ik gebruik manuele therapie om iemand soepeler te laten bewegen. En ik gebruik de feedback om te laten zien wat er gebeurt met de spier die ik aanpak. Ik ga daarbij op drie verschillende manieren aan de slag: passief, actief-assistief en actief. Passief betekent dat ik een arm of een been van een patiënt beweeg. Bij actief- assistief bewegen, beweeg ik samen met de patiënt de arm of het been en met actief bedoel ik dat de patiënt zelfstandig zijn of haar arm of been beweegt”, licht Matthias toe. > "Om een gewricht te laten bewegen, heb je altijd een speler en een tegenspeler nodig." 25 THERAPIE
Made with FlippingBook
RkJQdWJsaXNoZXIy NDU3OTky