VeineMAGAZINE 18

AGRESSIEF GEDRAG BIJTEN, KNIJPEN, HAREN TREKKEN, SCHOPPEN EN SLAAN. GEDRAG DAT MISSCHIEN BIJ KINDEREN EN OPGROEIEN HOORT, MAAR WAT ALS KINDEREN DIT JARENLANG BLIJVEN DOEN, OOK ALS ZE VOLWASSEN WORDEN? BEGELEIDERS EN OUDERS ZITTEN VAAK MET ALLERLEI VRAGEN. WAAROM DOET ONS KIND DIT EN WAT KAN IK ERAAN DOEN? WANT BIJ EEN KIND MET EEN (ERNSTIG) VERSTANDELIJKE BEPERKING IS HET HEEL MOEILIJK OM UIT TE LEGGEN DAT JE ZIJN OF HAAR GEDRAG NIET ACCEPTEERT. WE PRATEN MET TWEE DESKUNDIGEN UIT DE PRAKTIJK, ORTHOPEDAGOOG EN GZ-PSYCHOLOOG AD PEELEN EN ORTHOPEDAGOOG GERIEKE VAN KRUIJL. Ad Peelen studeerde orthopedagogiek omdat hij zich wilde verdiepen in de interactie tussen cliënt en begeleider/mensen om hen heen. Het gaat altijd om de impact van gedrag van de een op de ander en vice versa. En eigenlijk zegt Ad in de eerste zin tijdens het interview hiermee al heel veel. Ik vraag hem of hij bedoelt dat het lastige, soms agressieve gedrag van iemand ook wel voortkomt uit het gedrag van een ander persoon. Ad antwoordt hierop: “Ja, er is zeker een verband. Bijvoorbeeld hechtingsstoornissen liggen niet in aanvang bij het kind zelf, maar denk ook eens aan een kind dat zichzelf verwondt. > TEKST: RENÉE RUISCH | FOTO’S: STOCK/PRIVÉCOLLECTIE "Het is de taak van begeleiders om het leven van iemand zó in te richten dat deze persoon het allemaal kan bevatten en ermee kan handelen." 34 35 VEINE DOSSIER DOSSIER

RkJQdWJsaXNoZXIy NDU3OTky