VeineMAGAZINE 18
COLUMN 81 S A N D R A T I T U L A E R - k i n d e r r e v a li d a t i e a r t s R82.nl Een comfortabele wandeling voor elk kind ADVERTENTIE ALS JE KIND MAAR EET ALS MIJN KIND MAAR EET, HOOR IK VAAK ZEGGEN. VOOR VEEL KINDEREN DIE IK ZIE IS ETEN NIET VANZELFSPREKEND EN IS HET OOK HET ONDERWERP WAAR OUDERS ZICH HET MEEST ZORGEN OM MAKEN. VOEDING- EN SLIKPROBLEMEN HEBBEN KINDEREN VAAK AL OP JONGE LEEFTIJD. Ik zie regelmatig kinderen met eetproblemen; kinderen die zes tot negen maanden op de IC hebben gelegen, die pas geopereerd zijn en bijvoorbeeld pas naar huis mogen als ze een bepaald gewicht bereiken. Dit levert veel stress op. Eenmaal thuis lukt het niet om de sondevoeding af te bouwen of van de fles over te stappen op hapjes. We zien daarbij neurologische storingen (vanuit de aansturing hersenen) en anatomische storingen (in aanleg een probleem). Bij neurologische problemen is bijvoorbeeld sprake van een andere spierspanning, een slechte slikbeweging. Sommige kinderen slikken verkeerd om, ze persen juist hun eten naar buiten. Bij anatomische problemen kan er bijvoorbeeld sprake zijn een open gehemelte of bijvoorbeeld niet goed functionerende darmen. Als kinderen naar ons eetadviesteam verwezen worden, kijken we eerst of er sprake is van een lichamelijk probleem. Soms was dat probleem er, maar is het reeds verholpen, alleen eet het kind nog niet. Er is dan in het mondgebied zoveel weerstand en antipathie, dat hij of zij zelf niet meer durft te slikken. En soms zijn ouders ook heel bang geworden, omdat hun kind zich een paar keer heel erg heeft verslikt. Of ze zijn enorm gefixeerd op het laten eten omdat ze de boodschap hebben gekregen dat een kind moet aankomen voor bijvoorbeeld een operatie. Ook dan lukt het eten vaak niet. Soms is de stress van ouders zo groot, dat we eerst gaan kijken hoe we dat kunnen verminderen. Als een kind theoretisch wel kan eten, dan moet je ouders sterker maken en dat kan ook samen met de omgeving. Als je oefent met eten, kies daar dan het goede moment voor. Soms kun je ’s ochtends pap geven want dat slikt makkelijk weg en later op de dag een boterham proberen wat veel moeilijker is. Er wordt vaak geoefend met aardappelpuree. Dat is heel fijn qua structuur, maar erg vlak van smaak. Als je er een scheutje ketjap doorheen doet, krijg je al een hele andere smaakbeleving, en soms helpt dat. Het is nooit wetenschappelijk bewezen, maar als je een kind meer verschillende dingen aanbiedt, krijgen ze ook meer smaken waar ze aan wennen. Anderzijds is dat niet het belangrijkste. Ik had laatst een moeder met een kind dat elke dag kip, aardappelen en spinazie at. De ouders voelden zich heel rot daarover, maar het kind at wel. Ouders mogen ook trots zijn op wat wél lukt. Mijn ervaring is dat ouders heel streng zijn voor zichzelf. Eten is in ieder geval een proces van leren: erachter komen hoe je voldoende en veilig eet. Soms blijft een sonde nodig als basis. Maar het kan ook zijn dat je kind wat minder ‘gewoon’ eet, maar je dat aanvult met een ‘verrijkt’ toetje om aan de caloriebehoefte te komen. Of je neemt een maaltijd uit een zakje, omdat je dan zeker weet dat je de juiste samenstelling geeft. Ik adviseer ouders altijd om door een diëtiste uit te laten rekenen wat hun kind nodig heeft. Sommige kinderen hebben extra energie nodig, andere kinderen juist minder. • 80 VEINE
Made with FlippingBook
RkJQdWJsaXNoZXIy NDU3OTky