VeineMAGAZINE 29
ongeveer 15% presteert zwakker en zo’n 2% zeer zwak, ongeveer 15% doet het beter en zo’n 2% uitmuntend. OUDERS EN BEGELEIDERS WORDEN WAKKERGESCHUD “Je kunt ouders en begeleiders soms wakkerschudden, dat kan twee kanten op”, vertelt Joke. “Als iemand hoger wordt ingeschat dan hij of zij eigenlijk begrijpt, dan kunnen er gedragsproblemen ontstaan of bijvoorbeeld een stereotiep gebruik van de spraakcomputer of het aanwijssysteem. En als dan blijkt dat je eigenlijk iets teveel vraagt van iemand dan kunnen de logopedist en ouders dat aanpassen. Je ziet dan vaak verbetering van gebruik en gedrag. Joke vertelt verder: “Ook andersom, als een persoon heel veel begrijpt, maar zwaar wordt onderschat, kunnen er ook frustratie en gedragsproblemen ontstaan. Voorbeelden zijn bijvoorbeeld een logopedist die met een kind aan de slag wil met lezen of een spraakcomputer wil aanvragen en ouders en/of begeleiders hier het belang niet van inzien omdat zij het gevoel hebben dat hun kind/deze persoon daar niets van zou snappen. Een afname van de C-BiLLT laten zien of ouders/begeleiders erbij uitnodigen kan dan heel informatief zijn voor ouders en/ of begeleiders. OOK NA JE ZEVENDE JAAR KAN DE TAALONTWIKKELING ZICH VERDER ONTWIKKELEN. Stel dat je een kind van tien jaar test en die uitslag laat zien dat er sprake is van een taalontwikkelingsleeftijd van vijf jaar, kan een kind zich dan nog verder ontwikkelen en heeft een nieuwe test een jaar laten nog zin? Joke: “Ja, dat heeft zin, we hebben dit jaar een test afgerond met ruim 200 kinderen met CP die we vier jaar lang elk jaar met de C-BiLLT hebben getest. We hebben gekeken of de taalontwikkeling doorgaat ondanks de beperkingen en achterstand in de taal. We weten uit dit onderzoek dat die ontwikkeling doorgaat. VERANDERINGEN AAN DE TEST Op de vraag of vragen weleens worden aangepast vertelt Joke dat sommige foto’s wel wat verouderd zijn. Zo ziet een televisie er inmiddels anders uit, maar het grote nadeel is dat je dan opnieuw een pilot moet doen om de test te valideren. Er zijn inmiddels al acht vertaalde versies; in Noorwegen, Noord-Amerika, Canada, Zweden, Duitsland, Italië enzovoort. Het mooie van de nieuwe versies is dat deze al wel updates hebben qua fotomateriaal. Er zijn bovendien items aangepast aan de cultuur van het land. Joke: “Er zit in de Nederlandse versie bijvoorbeeld een vraag “wie geeft een kusje” (op de afbeelding zie je een vader die zijn dochter een kusje geeft). In Noorwegen is die vraag eruit gehaald omdat kussen daar seksueel gerelateerd is. Ouders zoenen hun kinderen niet, ze knuffelen hun kinderen. Zoenen doe je alleen met je partner. En bijvoorbeeld de hagelslag die wij erin hebben, kon in andere landen ook niet. In Duitsland is dat bijvoorbeeld muesli geworden en in Noorwegen is dat een pak heel donkerbruine kaas dat bij ieder Noors gezin op tafel staat.” HIER KUN JE TERECHT VOOR INFORMATIE In het AmsterdamUMC is er een communicatiespreekuur waar kinderen en inmiddels ook volwassenen met motorische beperkingen en het vermoeden van verstandelijke beperkingen uit het hele land zich kunnen aanmelden voor de C-BiLLT test. Inmiddels zijn er in Nederland en Belgie ook 250 therapeuten opgeleid om de C-BiLLT te kunnen afnemen. Vanwege de technische aansluitingen en geavanceerde aanwijsmethoden is het noodzakelijk om eerst de C-BiLLT cursus te volgen. Vaak weet de revalidatiearts wel waar je terecht kunt als je je kind wil laten testen. Op de website c-billt.com vind je uitgebreide informatie over de mogelijkheden van de test. • “Het kan wel heel confronterend zijn. Vooral als je denkt dat je kind alles begrijpt en dan blijkt dat het kind op het niveau van een vierjarige zit. Ik snap dat het dan confronterend is, maar ik zeg altijd zie het als een startpunt. Het geeft ook aan wat er mogelijk nog verbeterd kan worden." 70 71 VEINE EXTRA EXTRA
Made with FlippingBook
RkJQdWJsaXNoZXIy NDU3OTky